1250 | Te Nieuwendam is de bouw van het houten gasthuis en bijbehorende kapel voltooid die aan St. Jacob is gewijd. Nieuwendam is dan nog een gehucht bij Kethel; in bezit van de heren van Wassenaar. Nieuwendam was een buurt met huisjes van gevlochten tenen en hout, met klei bestreken en met riet en stro bedekt, aan het einde van de kreek De Schie die in de Maas uitwatert. De huisjes worden bewoond door vissers, arbeiders en bouwlieden.
|  |
1262 | Vrouwe Aleida van Henegouwen sticht een kerk in Nieuwendam - later Schiedam - en schenkt aan de bewoners een gasthuis met een kapel en altaar, gewijd aan St. Jacob en de maagd Maria.
|  |
5-9-1276 | Aleida geeft het patronaatsrecht aan de St. Janskerk en 18 morgen land te Mathenesse aan het St. Jacobsgasthuis te Schiedam.
|  |
7-1-1286 | De stad vaardigt een keur (stadswet) uit met betrekking tot het St. Jacobsgasthuis en verzoekt Floris van Henegouwen en de proost van het klooster Koningsveld bij Delft het besluit met hun zegels te bekrachtigen omdat Schiedam nog geen eigen stadszegel heeft. (Het stuk is bewaard gebleven en toont het gave ruiterzegel van Floris. Het wapen op het schild van de ruiter is de Henegouwse leeuw, met geblokte schuinbalk. Deze voorstelling werd door het stadsbestuur overgenomen toen zij het stadszegel vaststelde. Tot op de dag van vandaag is dit het stadswapen).
|  |
1298 | Het St. Jacobsgasthuis van Nieuwendam (Schiedam) wordt in dit jaar in steen gebouwd.
|  |
2-1-1315 | Bisschop Guido van Utrecht, zoon van vrouwe Aleida, verklaart dat zijn moeder niet alleen het (St. Jacobs) gasthuis heeft gesticht, met goederen begiftigd en regels voor het huis heeft opgesteld, maar er ook een kapelanie heeft gesticht.
|  |
21-4-1322 | Het St. Jacobsgasthuis, tot dan toe ondergebracht in een huis genaamd Wildenberch of Weeldenburch bij of op de Korte Dam, krijgt het Vrederixhuys, beleend aan Jan de Keyzer, eveneens bij of op de Korte Dam, als onderkomen.
|  |
1419 | Priester Johannes Vullinc wordt tot kapelaan van het door Vrouwe Aleida gestichte gasthuis benoemd.
|  |
31-10-1430 | Meester Willem Hughenzoon uit Muiden wordt benoemd tot stadsarts met als opdracht "den armen zieken int (St. Jacobs)gasthuis leggende () te visiteren ende te cureren".
|  |
25-6-1470 | Het stadsbestuur wenst in het (St. Jacobs)gasthuis alleen zieken toe te laten en de vele tot dan toe opgenomen mensen zoals bejaarden, afgeleefden, armoedzaaiers, etc. uit te sluiten. Het bleef echter bij een voornemen gelet op de bevolking van het huis in de jaren daarna waarin zelfs krankzinnigen en personen die hun plaats inkopen worden toegelaten.
|  |
1482 | Het (St. Jacobs)gasthuis heeft drie regenten, te weten Jacob Aertsz, Mees Jansz en Jan Oudsierss, waarschijnlijk alle drie lid van de vroedschap.
|  |
1532 | Het St. Jacobsgasthuis aan of nabij de Korte Dam, is waarschijnlijk dit jaar naar de huidige plek aan de Hoogstraat verhuisd. .
|  |