5-9-1927 | Het verdrinkingsgevaar wordt in Schiedam aangepakt. Een groep mensen verenigt zich in de Schiedamsche Vrijwillige Brigade tot het redden van Drenkelingen. Kortweg de "Schiedamsche Reddings Brigade".
|  |
6-4-1928 | Het dochtertje van melkhandelaar J. Verboon aan de Harreweg is voor het erf in de sloot te water geraakt en verdronken
|  |
20-5-1928 | De vier-jarige Aldert Schollaardt, Groenewegje 15/5 is aan de Noordvest te water geraakt en verdronken.
|  |
13-7-1928 | De 16-jarige A. Scholte uit de Archimedesstraat verdrinkt bij het zwemmen in de Oosterhaven.
|  |
26-7-1928 | Het 6-jarig jongetje P.A. van Laar uit de Sommelsdijksestraat is in de Voorhaven verdronken. Reddingspogingen in het café van de heer E.A.T. de Groot aan de Hoofdstraat 97 mochten niet baten.
|  |
23-4-1929 | Een 22-jarige man uit Rotterdam valt bij het aan boord gaan van het ss Chantoise bij de Scheepsbouw Mij Nieuwe Waterweg in de Wilhelminahaven en verdrinkt.
|  |
6-6-1929 | De 7-jarige M. v.d. Winkel van de Parallelweg is in de Schie aan de Overschiescheweg verdronken.
|  |
10-7-1929 | De Schiedamse onderwijzer J. Eijkelboom is bij het zwemmen in de Kralingse Plas verdronken.
|  |
20-7-1929 | De 17-jarige G.W.J. van Doorn van de Rotterdamsche Dijk is bij het zwemmen in de Poldervaart ter hoogte van de spoorbrug Schiedam-Vlaardingen verdronken.
|  |
26-7-1929 | De 86-jarige H. van Dijk uit de Ouddorpsestraat is na een wandeling, in de Spuihaven verdronken.
|  |
9-8-1929 | Herman Ottolini, Lange Haven 10, redt de 5-jarige Willem Nieberg van de verdrinkingsdood nadat hij spelenderwijs in de Lange Haven was gevallen.
|  |
12-8-1929 | De 27-jarige A.A. Schlebaum en de 21-jarige A. Overdijk, resp. wonend in de Stationsstraat 9 en 83, verdrinken bij het spelevaren in de Schie ter hoogte van Glasfabriek de Bataaf.
|  |
18-8-1929 | De 61-jarige bedrijfsleider van Bingham & Co., Thomas Kroon, redt een 9-jarige jongen uit het water van de Nieuwe Haven.
|  |
23-5-1930 | De 5-jarige Cornelis de Wit uit de Nieuwstraat 7a valt bij de Beursbrug in de Lange Haven en verdrinkt.
|  |
23-5-1931 | Het 9-jarige jongetje J. van Maastricht uit de Otterbuurt is bij het zwemmen in de Merwehaven aan de Rotterdamsche Dijk t/o het Pompstation verdronken.
|  |
29-8-1931 | De 6-jarige Jan Kazenbroot uit de Maasstraat 24 valt bij het spelen met een bootje in de Westerhaven en verdrinkt.
|  |
24-7-1940 | In de Westerhaven ter hoogte van de Warande raakt de 7-jarige v.d. S. uit de Nieuwe Maasstraat bij het spelen te water geraakt en verdrinkt.
|  |
16-6-1946 | Ter hoogte van het Hoofd te Schiedam verdrinken vijf padvinders als ze in een groep van 33 padvinders in de zeilsloep Karel Doorman voor een tochtje op de Nieuwe Maas in aanvaring komen met de sleeptros van het tankschip Perna. De bemanning van de twee sleepboten kunnen twintig padvinders aan boord nemen, acht padvinders blijven aan boord van de sloep en vijf verdrinken er.
|  |
27-6-1946 | In de Schie nabij het Overschieseplein wordt het lijkje gevonden van de 4-jarige J.H. de Hey. Het jongetje wordt al enige dagen vermist.
|  |
30-6-1946 | In de Schie verdrinkt het 3-jarig meisje C. K.
|  |
30-7-1946 | Uit de Industriehaven in het Sterrebos wordt het stoffelijk overschot opgevist van E. de R. uit Pernis, die op vrijdag 26 juli door het omslaan van een bootje op de Maas is verdronken.
|  |
3-10-1946 | Op de spoorwegovergang Kethel, een vroegere NS-stopplaats tussen Schiedam en Delft, zakt een auto tussen de spoorrails. De bestuurder, J. Bergmans uit Schiedam stapt naast zijn auto en probeert de aankomende trein uit Rotterdam te laten stoppen, hetgeen mislukt. De auto wordt vol geraakt en door een rondvliegend gedeelte daarvan wordt Bergmans in de sloot geslingerd en verdrinkt.
|  |
19-9-1947 | De 4-jarige H.A.S. van der W., wonende aan de Schiedamseweg te Kethel verdrikt in de Poldervaart als hij daar met enkele vriendjes aan het spelen is.
|  |
5-1-1950 | Het 4-jarig zoontje van de familie S. uit de Zwartewaalsestraat verdrinkt bij de sluis in het Spuikanaal.
|  |
21-12-1952 | Wachtman C.Karreman uit Rotterdam, die dienst had in de Wilhelminahaven op het Russische schip Korzakov dat bij de werf Nieuwe Waterweg voor reparatie ligt, is verdwenen. Waarschijnlijk heeft hij het schip niet gehaald. Het roeibootje, waarmee hij zich naar het schip begaf, werd drijvende in de Wilhelminahaven aangetroffen. Daar Karreman zich in niet geheel nuchtere staat bevond en lichamelijk gebrekkig was, wordt gevreesd dat hij is verdronken.
|  |