17-10-1589 | Hubrecht Corssen, heer van Belois, verzoekt de vroedschap een stuk grond ter beschikking te stellen om daarop twaalf huisjes te zetten "ten behouve van schamele ende arme luyden".
|  |
29-8-1591 | Aan Hubrecht Corssen wordt vrijdom van accijns verleend als stichter van het Hofje van Belois met twaalf huisjes ten behoeve van arme mensen.
|  |
25-10-1593 | Hubrecht Corssen verkoopt de helft van de hem toebehorende ambachtsheerlijkheid van Beloijs aan zijn neef Gerrit Visch. De opbrengst zal dienen voor de bewoners van het door hem gestichte "Oude Wyffkenshof".
|  |
1-11-1593 | Huybrecht Corssen ondertekent de stichtingsoorkonde van het Hofje van Belois, gelegen tussen de Raam en het Pesthuis, bestaande uit 20 woonhuizen, een bakhuis en een korenzolder. Corssen is ambachtsheer van de heerlijkheid Belois op Schouwen die zich in Schiedam (waarschijnlijk) bezighoudt met het haringbedrijf. Bij zijn uiterste wilsbeschikking benoemt hij tot "buytevaders ende opsienders" ofwel regent van het Hofje Antoni Corn. Bakker, gehuwd met Neeltje Willems, dochter van Maria Gerrits, een halfzuster van den stichter en Leendert Daniels gehuwd met Meynssie Corssen, dochter van Cors Corssen, broer van den stichter van het Hofje.
|  |
1601 | In het testament van Hubrecht Corssen wordt melding gemaakt van het bestaan van het Buitenhofje aan de Kreupelstraat dat ook door hem was begonnen. Hubrecht had dus twee hofjes gesticht.
|  |