![]() | |
> Startpagina > De Geschiedenis van Schiedam > Stedelijke ontwikkeling > Monumentale gebouwen |
Adres: Hoogstraat 112
Het Stedelijk Museum is gevestigd in het voormalig Sint Jacobs Gasthuis, gebouwd in 1786-89. Het is gebouwd op de plaats van het gasthuis van 1260. De aula - aan een binnenplein met monumentaal toegangshek -, is de voormalige gasthuiskerk en heeft een neo-classicistisch front. In de aula staan een (klein) Hess orgel (1773) en een preekstoel in Lodewijk XIV-stijl.
Architect: C.G.F. Giudici
De grondslag voor het Stedelijk Museum werd in de negentiende eeuw gelegd met het inrichten van een wapenkamer op een van de bovenzalen van de St. Jorisdoelen door Frans van Waas, luitenant-adjudant van de Schiedamse schutterij. De verzameling werd van lieverlee uitgebreid met allerlei oudheidkundige zaken. Dit leidde er toe dat bij besluit van Burgemeester en Wethouders van Schiedam op 24 oktober 1899 aan de collectie een officiƫle status werd verleend onder de naam Stedelijk Museum Schiedam. Op 5 oktober 1940 kreeg het museum in de gerestaureerde rechtervleugel van het gebouw onderdak. Na 1945 is ook de rest van het gebouw gerestaureerd.
Naast de verzameling historische voorwerpen bouwde het museum een moderne kunst-collectie op, met een belangrijke Cobra-collectie. Tot begin 1996 herbergde de kelder ook de collectie van het Nationaal Gedistilleerd Museum. De geschiedenis van het 'jeneververleden' is nu te zien (en te proeven) in het Nederlands Gedistilleerd Museum 'De Gekroonde Brandersketel' aan de Lange Haven te Schiedam.
"Het Stedelijk Museum te Schiedam - welks aula vroeger dienst deed als kerkgebouw van de Waalse gemeente - bezit een orgel, dat in 1773 is gebouwd door de orgelmaker Hermanus Hess te Gouda (overleden te Gouda 1795).
Eigenlijk had Hess zich toegelegd op het vervaardigen van kabinetorgels; de van zijn hand bewaarde exemplaren behoren, met die van Johann Stephan Strumphler (overleden te Amsterdam 1807), tot de mooiste van dit genre muziekinstrumenten. Het orgel in Schiedam draagt een stempel, dat aan dit specialisme van zijn maker herinnert, zowel in technisch als in artistiek opzicht, o.a. door de overwegend chromatische opstelling van het pijpwerk en door zijn zachte intonatie.
Als bijzonderheid moet worden vermeld, dat het instrument nog vrijwel geheel oorspronkelijk is. Met de grootste piƫteit voor zijn uitzonderlijke gaafheid heeft de firma Ernst Leeflang te Apeldoorn dit werk in 1968 gerestaureerd.
Het orgel heeft de volgende dispositie:
Bourdon 16' gehalveerd (tevens als transmissie op het pedaal bespeelbaar), Prestant 8' gehalveerd, Holpijp 8', Fluittravers 8' discant, Octaaf 4', Fluit 4', Quintprestant 3' gehalveerd, Superoctaaf 2', Flageolet 1' gehalveerd, Mixtuur 2 tot 3 sterk gehalveerd, Cornet 4 sterk discant, Trompet 8' gehalveerd. Tremulant; Manuaal 53 toetsen (C - e3); Pedaal 30 toetsen (C - f1)."
> Startpagina > De Geschiedenis van Schiedam > Stedelijke ontwikkeling > Monumentale gebouwen | |